KUNSTEDUCATIE EN INCLUSIE HOREN HAND IN HAND TE GAAN - magazine take over, HALT

oktober 2020

Wij als (toekomstig) kunsteducators hebben een prachtige rol in de samenleving. Het inspireren van leerlingen, ze zich welkom en gezien laten voelen, ze helpen om zelfvertrouwen op te bouwen en ze nieuwe perspectieven bieden. Kunst is heel persoonlijk. Het kan iemand aanspreken maar ook de beeldende keuzes die iemand maakt zeggen veel over het karakter en de ervaringen van deze persoon. Door leerlingen aan de slag te laten gaan met kunst, leer je ze ook persoonlijk kennen. Binnen de kunstles is er veel ruimte om de leerling te vormen en nieuwe tools te bieden die ze de rest van hun leven kunnen gebruiken. Je helpt ze vaardig te worden in het uitdrukken van hun mening en het vertalen van hun emoties en ervaringen naar beeld. Hoe jij als docent omgaat met je leerlingen heeft zo ontzettend veel invloed op hoe een leerling naar kunst, zichzelf en de wereld om zich heen kijkt. Daarom is inclusie binnen kunsteducatie enorm belangrijk.

Leerlingen dienen allemaal gelijk behandeld te worden, maar een goede docent ziet ook het belang van rekening houden met de individuele ervaring van iedere leerling in. Iedere leerling is anders, en in bijna elke klas zul je te maken krijgen met leerlingen uit verschillende gemarginaliseerde groepen. Een leerling kan bijvoorbeeld een persoon van kleur zijn, een migratieachtergrond hebben, te maken hebben met een aandoening of beperking, behoren tot de LGBTQIA+ community, enzovoorts. Dit zorgt ervoor dat zij met andere problemen te kampen hebben dan andere leerlingen.

'Waar de leerling mogelijk sociaal of maatschappelijk benadeeld wordt, kunnen wij helpen met het voeden van het idee dat de leerling zich niet hoeft te schamen en voor zichzelf mag opkomen.'

Naast dat het mogelijk is dat je systematisch of maatschappelijk benadeeld wordt, kan het ook erg eenzaam zijn om tot een gemarginaliseerde groep te behoren of daartoe gerekend te worden. Het kan zijn dat er niemand in je omgeving is die jouw ervaringen deelt, of dat je gemarginaliseerde status door anderen als een excuus wordt gebruikt om je buiten te sluiten. In de wereld van kunsteducatie hebben wij de ruimte om de representatie te bieden die de leerling misschien niet kan vinden in zijn eigen omgeving. Wij kunnen de leerling het perspectief bieden van kunstenaars wiens gemarginaliseerde status een eigenschap van kracht is geworden, zodat de leerling hopelijk die kracht ook binnen zichzelf kan vinden.

Waar de leerling mogelijk sociaal of maatschappelijk benadeeld wordt, kunnen wij helpen met het voeden van het idee dat de leerling zich niet hoeft te schamen en voor zichzelf mag opkomen. Door krachtige, trotse kunstenaars te laten zien kunnen wij een bron van kracht en trots in de leerlingen helpen ontkiemen. De docent moet er binnen het huidige curriculum bewust voor kiezen om deze representatie in de kunstles te verwerken. Een groot probleem is hierbij echter dat hoeveel representatie een leerling uit een gemarginaliseerde groep krijgt te zien binnen de kunstles, grotendeels afhankelijk is van het belang van de docent om dit in het curriculum te implementeren en zijn eigen kennis en ervaringen. Het is daarom belangrijk voor ons als docenten om ons te blijven informeren, zodat hopelijk steeds meer docenten deze representatie als essentieel gaan ervaren. Veel van ons hebben namelijk weinig inclusie gezien in kunsteducatie toen wij zelf nog op de middelbare school zaten.

Human Observer - Gerd Altmann
Human Observer - Gerd Altmann

Bij het geven van kunstgeschiedenis wordt er vaak alleen maar een wit, hetero, cisgender, able-bodied, westers perspectief beschreven. We zien mensen met een beperking terug in kunstwerken uit de eerste eeuw, homoseksualiteit werd vaak als normaal gezien in de oudheid en is terug te vinden in hun kunst. Dat non-binaire mensen allang erkend werden bij inheemse volkeren in Amerika, wordt ons alleen geleerd door docenten die daar persoonlijk het belang van inzien en daar bewust voor kiezen. Toch is het zo belangrijk voor leerlingen om te begrijpen dat zulke mensen altijd al bestonden.

Dit kan helpen in de zoektocht naar wie ze zelf zijn, of om de mensen om hen heen beter te begrijpen. Zo kan ook met hedendaagse kunst en de thema’s die we aankaarten in de les kan bewuster worden omgegaan. Uiteraard zijn er bepaalde criteria die we elk jaar moeten behalen, maar wat willen we de leerlingen nog meer meegeven? Met elk ander perspectief dat wordt geboden bij een nieuwe kunstenaar, een nieuw kunstwerk of een nieuwe kunststroming, kunnen we de leerlingen helpen zich in te leven in een ander. Door het empathisch vermogen van leerlingen te stimuleren, vormen we een generatie die hopelijk meer begrip toont voor elkaar dan elke generatie die hen voorging.

Het feit dat de kunstles nog steeds niet zo inclusief is als zou kunnen zijn en zou moeten zijn, is een vicieuze cirkel, en het is aan ons om deze te doorbreken. We kunnen uiteraard klakkeloos doorgeven wat wij zelf geleerd hebben op school, en zo zorgen dat de volgende generatie docenten het net zo aanpakt, maar daarmee doen we onze leerlingen tekort. De wereld verandert voortdurend, en daarmee de kunst ook. En precies andersom werkt dat ook zo. Kunst verandert constant en verandert daarmee de wereld. Dat betekent dat kunsteducatie dat ook zou moeten doen. Als we de kans hebben om de wereld van de leerlingen te verbreden, leerlingen meer representatie te bieden en hun empathisch vermogen aan te moedigen, moeten we dit met beide handen aanpakken.

'Het feit dat de kunstles nog steeds niet zo inclusief is als zou kunnen zijn en zou moeten zijn, is een vicieuze cirkel, en het is aan ons om deze te doorbreken.'

Moigimy Ajeki, 2e jaars DBKV (voltijd)